Vreemdelingenrecht: actueel, internationaal en dynamisch
Een interview met Viola Bex-Reimert over haar werk en de actualiteit
 

Tijdens de coronacrisis kunnen online interviews gelukkig gewoon doorgaan! Michiel van Huizen van de MarcKrant-commissie heeft mevrouw Bex-Reimert enkele weken geleden geïnterviewd over haar werkzaamheden als RUG-docent en -onderzoeker. Ook heeft hij het met haar gehad over haar studietijd en over de problemen met betrekking tot de coronacrisis in het vreemdelingenrecht.

Hoe zag uw studietijd eruit?
Ik ben begonnen met de studie Geschiedenis. Destijds bestonden trimesters nog. In het derde trimester ben ik Bestuursrecht erbij gaan volgen. Ik deed dat samen met een vriendin: zij vond het vreselijk, maar ik vond het wel geslaagd. Ik ben vervolgens gestopt met mijn studie Geschiedenis en ben een propedeuse Rechten gaan doen. Na één jaar dacht ik: ‘Dit is wel heel juridisch.’ Daarom koos ik voor Juridische Bestuurskunde, waarna ik besloot het juridische gedeelte ook af te maken. Toen ben ik ook afgestudeerd in het Nederlands Recht. Zo zag mijn studietijd er uit.

Bent u nog verder gegaan met Juridische Bestuurskunde? Want u doet nu migratierecht,
volgens mij is dat niet iets wat specifiek hoort bij Juridische Bestuurskunde, of komt dat daar
wel aan de orde?
Ik ben gepromoveerd op de afstemming van beschikkingen. Dat was voor een deel ook een bestuurskundig onderzoek waarin ook case-study-achtige zaken en interviews aan bod kwamen. Ik doe momenteel ook wel bestuurskundig onderzoek, maar ik ben meer de juridische kant opgegaan dan de bestuurskundige kant; dat klopt. Overigens heb ik in mijn studie nooit het vreemdelingenrecht gevolgd. Toen ik klaar was met mijn studie heb ik gesolliciteerd bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State en werd ik aangenomen bij de Vreemdelingenkamer. Zo ben ik in aanraking gekomen met het
vreemdelingenrecht.

Deed u ook nog dingen naast uw rechtenstudie, zoals een bestuur of een commissie of iets anders?
Ja. Ik was lid van Progressief Rechten. Daar heb ik allerlei functies vervuld. Zo heb ik in de Examencommissie gezeten. Ik heb ook het introductiekamp georganiseerd. Uiteindelijk heb ik in het faculteitsbestuur gezeten als studentadviseur, nadat ik eerst fractievoorzitter was bij Progressief Rechten. Een politieke route dus.

U bent nu universitair docent aan de RUG. Doet u daarnaast nog dingen?
Ja: ik ben een tijdje rechter-plaatsvervanger geweest en ik heb ook nog in bezwaarschriftencommissies gezeten. Daar ben ik mee opgehouden. Nu ben ik nog vaste annotator voor het juridische tijdschrift AB (Administratiefrechtelijke Beslissingen). Ook zit ik in de redactie van het vakblad Asiel&Migrantenrecht.

 

“Daarom vind ik het zo’n leuk rechtsgebied: omdat het zo belangrijk is.” 

Wat van het vreemdelingenrecht trekt u zo aan, wat maakt het dat het zo’n interessant rechtsgebied is?
Voor mij is het interessant omdat het een heel sociaal rechtsgebied is, dat vind ik belangrijk. Het gaat om mensen die in een relatief ingewikkelde positie zitten. Er zijn namelijk twee groepen: mensen die asiel aanvragen en mensen die hier gewoon willen komen werken of gezinshereniging willen. Allebei zitten ze in een enigszins raar systeem, omdat ze een vergunning moeten aanvragen. De belangen in het vreemdelingenrecht zijn echter anders dan in het ruimtelijk bestuursrecht, waarbij ook wordt gewerkt met vergunningen. Ook daar spelen natuurlijk grote belangen, maar in het vreemdelingenrecht gaat het erom of je hier een leven mag opbouwen. Dat is een fundamenteel andere vraag. Daarom vind ik het zo’n leuk rechtsgebied: omdat het zo belangrijk is. Daarnaast is het vreemdelingenrecht een internationaal vakgebied, wat het ook leuk maakt. Het gaat namelijk veel over verdragen en Europese richtlijnen. Ook is het een heel dynamisch vakgebied: elke dag gebeurt wel iets nieuws. Als je bijvoorbeeld de krant leest, kom je altijd wel een nieuwsbericht tegen over het vreemdelingenrecht. Laatst bijvoorbeeld was op het nieuws dat het aantal delicten van asielzoekers is toegenomen.

Daarover gesproken: zijn er nu nog actualiteiten in het vreemdelingenrecht zelf, bijvoorbeeld over kinderen in vluchtelingenkampen in Griekenland?
Ja, er is heel veel aan de hand. We hebben sinds 2015 de vluchtelingencrisis gehad. Sindsdien staat het systeem enigszins op springen, omdat er weinig solidariteit is tussen landen. Neem bijvoorbeeld de landen aan de buitengrenzen van Europa, zoals Italië en Griekenland, die veel meer vluchtelingen moeten opvangen dan de noordelijke landen, zoals Nederland. Duitsland is heel solidair geweest, door alsnog die mensen op te vangen. Nu speelt de coronacrisis, ook in vluchtelingenkampen. Daar zijn al een aantal gevallen van coronavirusbesmetting. Dit heeft er in Nederland toe geleid dat de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, mevrouw Broekers-Knol, een tijdje geleden enigszins verwilderd heeft gezegd dat niemand meer asiel kan aanvragen en dat niemand het land inkomt. Dit kwam haar op kritiek te staan, aangezien dat niet kan volgens internationale verplichtingen. Als iemand hierheen vlucht, kun je immers niet zeggen: ‘Oh nee, we zijn even dicht hoor, kom over vier maanden maar weer.’ Tot zoverre het nationale niveau.

Op internationaal niveau speelt een heel ander vraagstuk. Er zitten namelijk minderjarige kinderen in de vluchtelingenkampen die geen ouders bij zich hebben. Veel van die kinderen verdwijnen en niemand weet wat er met ze gebeurt. De kans dat ze misbruikt worden of illegaal te werk worden gesteld door mensen is natuurlijk enorm groot. Daarom is een oproep gedaan aan alle Europese landen om kinderen op te vangen. Nederland wil dat niet doen. In plaats daarvan zei de Nederlandse regering een beetje triomfantelijk dat zij een geweldige oplossing had, namelijk geld geven zodat kinderen daar uit de kampen gehaald konden worden en in Griekenland zelf opgevangen konden worden. Er zijn in plaats daarvan ook burgemeesters die zeggen: ‘Die kinderen mogen best hier komen, laat ze maar hier komen.’ De staatssecretaris wil daar echter niet aan.

  

“Als het dan dus te wild wordt, omdat jezelf te laat bent, dan schaf je het gewoon weer af…” 

Wat ook speelt, is dat de IND miljoenen aan dwangsommen verbeurt, omdat ze laat zijn met het afleveren van vergunningen voor mensen die kansrijk zijn, zoals mensen uit Syrië, Irak en sommige delen van Afghanistan en Eritrea. Het idee is namelijk dat je eerst de aanvragen moet afhandelen van mensen die geen kans hebben, zodat zij dan snel weer het land kunnen verlaten. Anders krijg je namelijk allerlei discussies over kinderen die geworteld zijn in de samenleving, zoals het geval was bij Lily en Howick. De advocaten van asielzoekers hebben de staatssecretaris allemaal in gebreke gesteld. De rechtbank heeft daarover al beslist en bepaald dat de hoogte van alle dwangsommen bij elkaar vijftien miljoen euro is. Daarop heeft de staatssecretaris ‘in alle wijsheid’ besloten dat er een spoedwet aan komt, waar allerlei dingen in worden geregeld omdat we in een noodtoestand zitten. Een van die onderwerpen is dat dwangsommen in het vreemdelingenrecht worden afgeschaft. Dat vind ik dus echt totáál belachelijk. Ze gaan allerlei werkgroepen en commissies instellen. Wat wel gunstig is, is het besluit dat asielzoekers al vanaf het moment dat zij het AZC binnenkomen al een advocaat toegewezen krijgen. Dat is momenteel nog niet zo. Dus je hebt straks als asielzoeker wel een advocaat, maar die is redelijk tandeloos als er geen dwangsommen mogelijk zijn. Het is namelijk heel lastig om een bestuursorgaan te dwingen tot het nemen van besluiten. Daarom waren nou juist die dwangsommen ingevoerd.

 

“Wat ze echter vergeten, is dat je als asielzoeker hier in één huis leeft met meerdere gezinnen, waarbij je de badkamer, de keuken, de wc, dus alles met elkaar deelt. Dat zijn geen goede omstandigheden.”

Is het misschien ook begrijpelijk dat de staatssecretaris de dwangsommen in het vreemdelingenrecht wil afschaffen, omdat zij ziet aankomen dat de weerstand in Nederland tegen het opnemen van vluchtelingen toeneemt als Nederland zoveel dwangsommen verbeurt?
Dat is inderdaad de politieke tendens, maar dat klopt juridisch niet. De wetgever heeft destijds expliciet gekeken of de dwangsomregeling ook van toepassing zou moeten zijn op het vreemdelingenrecht en heeft geoordeeld dat hij dat van belang vond, juist omdat in het vreemdelingenrecht mensen (de asielzoekers) belang hebben bij een snelle besluitvorming. Op het moment dat je geen verblijfsvergunning hebt, mag je hier ook niet werken en krijg je hier ook geen huis; mensen zitten dus soms twee, drie jaar in een AZC. Je zit dus bijvoorbeeld drie jaar binnen, je kunt niks doen en je hebt 35 euro leefgeld per week. Dat is helemaal niet gunstig, ook niet voor de integratie. Het is ook een politieke keuze om te zeggen dat je de dwangsommen wilt afschaffen, want er zijn gewoon niet genoeg mensen bij de IND. Dit is een efficiency-probleem. Ze moeten gewoon meer mensen inhuren. Zo simpel is het. Je kan prima alle zaken op tijd afhandelen, maar wat iedere keer gebeurt is dat het aantal vluchtelingen toeneemt, dan doet de regering iets, dan neemt het aantal vluchtelingen weer af, waarna de werknemers bij de IND er weer uit worden gegooid, en dan neemt het aantal vluchtelingen weer toe, waarna de regering dan weer eerst een aanloopje nodig heeft om werknemers te vinden voor de IND. Ze hollen dus eigenlijk iedere keer achter de feiten aan. Het is inderdaad een politieke keuze om te zeggen: ‘We gaan eerst die mensen behandelen die geen kans hebben’, ook in verband met het draagvlak in de samenleving, maar die dwang heeft nou juist betrekking op mensen die hier wél mogen blijven. Dat maakt het zo zuur. Maar het idee van de politiek is: ‘Zij mogen toch wel blijven, dus als zij hier wortelen maakt het niet uit, want ze wortelen hier toch wel.’ Wat ze echter vergeten, is dat je als asielzoeker hier in één huis leeft met meerdere gezinnen, waarbij je de badkamer, de keuken, de wc, dus alles met elkaar deelt. Dat zijn geen goede omstandigheden. Verder speelt het vreemdelingenrecht momenteel ook in de Europese Unie: hoe gaan we het stelsel zo vormgeven, dat het meer berust op solidariteit? Op mondiaal niveau spelen natuurlijk de toenemende vluchtelingenstromen. Wat gaan we daarmee doen, hoe gaan we die stromen beheersen en welke rechten geven we die mensen? Mag je bijvoorbeeld wel werken als je ergens tijdelijk bent?

 

“Alles wat ik jou nu vertel in dit interview; zou dat nou wel waar zijn? Je wordt natuurlijk gek als je zo gaat denken.” 

Wat voor onderzoek doet u nu eigenlijk?
Ik doe onderzoek naar de geloofwaardigheid in het asielrecht. Dat gaat over de vraag hoe je beoordeelt of iemand geloofwaardig is. Bijvoorbeeld: alles wat ik jou nu vertel in dit interview; zou dat nou wel waar zijn? Je wordt natuurlijk gek als je zo gaat denken. Het lijkt een beetje op het strafrecht, want het gaat over iemand die verklaart wat hem is overkomen. Een asielzoeker heeft vaak geen documenten: zijn paspoort wordt vaak ingenomen door smokkelaars als hij al een paspoort heeft. Het verhaal van de asielzoeker is de basis voor het verstrekken van de vergunning. Als je als asielzoeker bijvoorbeeld vertelt dat je gemarteld bent, dan geeft jou dat een goede kans op een verblijfsvergunning. Een asielzoeker heeft vaak ook geen getuigen. De ontvangende staat kan ook niet aan de staat waarvoor de asielzoeker is gevlucht vragen of hij deze asielzoeker heeft gemarteld. Dat maakt de vergaring van het bewijs onwijs ingewikkeld. De vraag is of een verhaal van een asielzoeker wel waar is of niet. Daar zijn beleidsregels voor opgesteld. Ik doe nu onderzoek of die beleidsregels een handvat geven aan beslismedewerkers om toch tot een fatsoenlijk besluit te komen.

 

“Mijn onderzoek lijdt dus niet heel erg onder de coronacrisis, omdat wij sowieso al een
wat solitaire bezigheid hebben die veel gericht is op boeken.” 

Hoe gaat onderzoek doen nu tijdens de coronacrisis? Gaat dat nog steeds?
Zeker! Wij gaan gewoon door. We doen allerlei onderzoeken. Met de vakgroep hebben we natuurlijk overleg, bijvoorbeeld via Google Meet. Daarop kun je prima overleggen. Verder doe ik onderzoek met de universiteit van Berlijn, wat ik altijd al via Google Meet deed, want ik kan niet elke keer naar Berlijn; dat is onmogelijk. Met externe mensen bel ik. Mijn onderzoek lijdt dus niet heel erg onder de coronacrisis, omdat wij sowieso al een wat solitaire bezigheid hebben die veel gericht is op boeken. De bibliotheek heeft bovendien tegenwoordig heel veel elektronisch beschikbaar. Mijn onderzoek lijdt er dus in zoverre niet onder. Wel lijdt mijn onderzoek onder de coronacrisis door het feit dat ik mijn kinderen thuis heb zitten. Voor mijn kinderen zorgen doe ik overigens met alle liefde, dus ik vind het niet erg dat ze thuiszitten. Maar het is dan wel
een wat ingewikkelde puzzel, om het doen van onderzoek te combineren met mijn kinderen thuis hebben. Ze zijn namelijk twee maanden niet naar school geweest, dus ik heb twee maanden lang samen met mijn man thuisonderwijs moeten geven aan de hand van instructies van de juf en de meester. Ze gaan nu weer naar school: drie uur per dag, vier dagen per week. In de tussentijd doen we onderzoek.

Door: Michiel van Huizen

 

 

 

Agenda

Kennismakingsborrel met Frederik van der Marck!

Kennismakingsborrel met Frederik van der Marck! Vrijdag 4 september om 19.30 houdt Frederik van der Marck een kennismakingsborrel! Wil je graag kennismaken met de vereniging, heb je nog vragen over een commissie of wil je gewoon gezellig de oude Frederikleden weer...

Sollicitatieperiode verlengd!

Hallo eerstejaars, tweedejaars, derdejaars, masterstudenten en laatbeslissers!We hebben ervoor gekozen de sollicitatieperiode voor de commissies te verlengen. Wil je nieuwe mensen leren kennen, vrienden maken en iets leerzaams naast de studie doen? Kom dan...

De commissiesollicitaties zijn weer geopend!

De commissiesollicitaties zijn weer geopend! De commissiesollicitaties van Frederik van der Marck zijn weer geopend! Ben jij geïnteresseerd in het Staats- en Bestuursrecht en lijkt het je leuk om naast je studie activiteiten te organiseren, stukken te schrijven voor...

RECENTE POSTS

De transparantieaspecten van het Systeem Risico Indicatie

De transparantieaspecten van het Systeem Risico Indicatie

Het SyRI-systeem is ontwikkeld om effectiever fraude te bestrijden met uitkeringen,
toeslagen, belastingen en arbeidswetten. Veel rond het systeem is geheim. De rechtbank Den Haag heeft op 5 februari jongstleden geoordeeld dat de inzet van dit systeem in strijd wordt geacht met art. 8 EVRM. In deze blog wordt specifieker ingegaan op de transparantie van het systeem.

Reisblog Edinburgh

Reisblog Edinburgh

Het is inmiddels een tijdje geleden dat Frederik van der Marck met een aantal leden naar Edinburgh is afgereisd. We hebben vier dagen mogen genieten van het mooie Schotland en hebben zoveel mogelijk gedaan om de cultuur wat beter te leren kennen. Natuurlijk zijn er ook activiteiten ontplooid met betrekking tot het staats- en bestuursrecht. Om iedereen een proefje van de reis te geven, volgt hier een uiteenzetting van wat dag tot dag is beleefd. 

5G: Een ironische snelheidsstrijd

5G: Een ironische snelheidsstrijd

5G: Een ironische snelheidsstrijd  “Draadloze communicatie is niet langer slechts ‘nice to have’, maar inmiddels ‘need to have’.” Deze conclusie werd getrokken uit meerdere discussierondes die uiteindelijk leidden tot de Nota Frequentiebeleid 2016.1 Het citaat is...

This error message is only visible to WordPress admins

Error: API requests are being delayed for this account. New posts will not be retrieved.

There may be an issue with the Instagram access token that you are using. Your server might also be unable to connect to Instagram at this time.

Error: No posts found.

Make sure this account has posts available on instagram.com.

Click here to troubleshoot